Baby's

In onze praktijk behandelen we ongeveer een 1000-tal kinderen per jaar. We hebben daarvoor een specifieke interpretatie van de problematiek die kan voorkomen bij baby's.

Specifieke klachten zijn:

  • huilbaby's
  • krampjes
  • obstipatie
  • spugen/reflux
  • voorkeurshoudingen van nek en hoofdje
  • plagiocephalie
  • aanhoudende longklachten: slijmpjes, verstopt neusje
  • niet (door)slapen
  • vaak ziek, koorts
  • slechte zuigreflex
  • eczeem
  • overmatige/langdurige koorts of huidreacties na vaccinaties

In onze anamnese overlopen we een aantal specifieke zaken die ons alert kunnen maken op specifieke blokkades en beperkingen die aanleiding geven tot bovenstaande klachten.
Dit betreft o.a.:

  • het verloop van de zwangerschap
  • de bevalling: was ingeleid, welk soort weeën, keizesnede, omstrengeling, zeer snel of net langdurend, meconiumhoudend vruchtwater, de kleur, de APGAR-score, gebruik van hulpmiddelen, het geboortegewicht
  • net na de geboorte: heeft het kind gehuild, de temperatuur, sondevoeding, opgeven van slijmpjes

Al deze gegevens geven een beeld over bv. welke weerstand het kind heeft ondervonden tijdens de bevalling en bijgevolg vergrootte druk op:

  • schedel
  • nek
  • sleutelbeentjes

Ook kan tijdens een moeilijke bevalling een braakreflex optreden waardoor maagingang, slokdarm en longen reeds geïrriteerd worden, met klachten voor de spijsvertering en ademhaling tot gevolg.

Reeds enkele weken na de geboorte kan u terecht voor een afspraak van uw kindje, ook preventief.

Plagiocephalie: afgeplat hoofdje

Als voornaamste oorzaak wordt klassiek hiervoor de eenzijdige houding van het hoofdje vernoemd. Het kind kan zijn hoofdje moeilijk naar één of beide kanten draaien.Vaak wordt er pas na 4 tot 6 maand ingegrepen met bv. fysiotherapie of het dragen van een helmpje.
Maar niks is minder waar: dit vormt slechts een klein aspect van de problematiek.

Evolutionair en embryologisch gezien wordt de vorm van de schedel bepaald door de krachtige doorbloeding en groei van onze hersenen. 

In onze visie en behandelwijze zien wij hoe specifieke blokkades t.h.v. romp en schedel deze krachtige doorbloeding kunnen afremmen en zo de ontwikkeling van de schedel remt en bepaalt. Hoe sneller de therapie gestart kan worden, des te krachtiger deze ontwikkeling van begin af aan ondersteund kan worden.